Studiedag: Brussel op Kindermaat
Op 19 juni 2025 bracht de studiedag « Stad op Kindermaat » zo’n 100 deelnemers samen – onderzoekers, praktijkdeskundigen, terreinactoren en vertegenwoordigers van Brusselse administraties – in de Pianofabriek (Sint-Gillis) om na te denken over een stad die gastvrijer is voor haar jongste gebruikers.
De dag wisselde presentaties (zie hieronder), discussietafels, de bijdrage van de internationale experte Nadja Monnet en een slotforum rond Brusselse initiatieven met elkaar af.
Centraal stonden vijf discussietafels, waar de deelnemers met elkaar in gesprek gingen aan de hand van een gemeenschappelijke leidraad:
- Wat doen terreinactoren vandaag al of zouden ze graag verder ontwikkelen? (praktijken)
- Wat zijn obstakels waar zij nog steeds tegenaan stoten? (obstakels)
- Wat zijn mogelijke de hefbomen die kunnen worden ingezet om deze te overwinnen? (hefbomen en acties)
De gesprekken draaiden rond vijf kernthema’s: speelsheid in de publieke ruimte, autonome mobiliteit, de participatie van kinderen aan het beleid, gezonde lucht en kwaliteitsvolle groene ruimten geschikt voor vrij spel. Ze boden de deelnemers de gelegenheid elkaar te ontmoeten, ervaringen te vergelijken en gezamenlijke pistes uit te werken voor een gezonder, veiliger, speelser en inclusiever Brussel.
👉 De onderstaande verslagen geven de inhoud van de gevoerde gesprekken weer en bieden een overzicht van de praktijken, drempels en hefbomen die werden geïdentificeerd. Ze vormen een waardevolle bron om verdere reflectie te voeden en toekomstige acties te inspireren ten gunste van een “Stad op Kindermaat”.
Discussietafels
Tafel 1. Speelsheid
(250619_Stad op kindermaat_Speelsheid)![]()
De deelnemers aan deze discussietafel benadrukken dat speelsheid niet enkel slaat op het inrichten van specifieke plekken als speelruimte. Speelsheid zou een basisreflex kunnen zijn bij elk project ter heraanleg van de publieke ruimte: “wat als we iemand uit de jeugdsector, of beter nog een kind, als eerste de pen laten vasthouden wanneer we een straat herinrichten ?”
Een pleidooi voor kinderparticipatie dus, maar ook voor het vooropstellen van een vast percentage van de publieke ruimte dat voorbestemd is voor speelsheid. Of ook nog vormen van Kids budgetting invoeren.
Tegelijk hoeft het niet altijd zo complex te zijn. Ook kleine stappen zetten is belangrijk. Dat kan gaan over kleine ingrepen: een ludiek parcours, playlets (parkeerplaatsen omgetoverd tot speelplek) of kalktekeningen. Of ook over profiteren van mogelijkheden tot tijdelijk gebruik van bijvoorbeeld braakliggende terreinen. Maar evengoed over het lezen van de stad op de maat van kinderen: de beleving van kinderen van wijken en de stad effectief proberen meenemen.
Aan inspiratie, voorbeelden en concrete ervaringen is geen gebrek. De prioriteit ligt nu in het verbinden en verankeren van al deze kleinere initiatieven, en zo zorgen voor voldoende structurele ondersteuning en aangepaste infrastructuur voor een echte stad op (speelse) kindermaat.
Tafel 2. Autonome mobiliteit
(250619_Stad op kindermaat_Autonome mobiliteit)![]()
De autonome mobiliteit van kinderen in Brussel blijft een cruciale uitdaging, met veelbelovende initiatieven, maar ook tal van belemmeringen. Verschillende educatieve projecten, zoals het voetgangersbrevet (‘brevet piéton’), het project ‘1m20’ of de parcoursen om de omgeving te verkennen, stellen kinderen in staat om geleidelijk aan autonomie te verwerven in de openbare ruimte, in samenwerking met scholen, gezinnen en verenigingen. Innovatieve experimenten, zoals verkenningswandelingen met fietsende moeders of het verzamelen van gegevens met Mobiel21, maken het mogelijk om kinderen, ouders en buurten te betrekken bij een collectieve diagnose.
Er blijven echter tal van obstakels bestaan: de alomtegenwoordige angst voor onveiligheid, de (reële of vermeende) gevaren van de straat of culturele normen. Politieke belemmeringen, het gebrek aan een leesbare openbare ruimte, de dominantie van de auto, financiële belemmeringen of angstaanjagende mediabeelden maken de weg naar meer zelfstandigheid complex.
Om dit te verhelpen, zijn de volgende hefbomen geïdentificeerd: samenwerking met scholen, intergenerationele acties, het benadrukken van de gezondheidsvoordelen, het leggen van contacten tussen lokale actoren en vooral het luisteren naar de kinderen zelf. Kinderen en gezinnen een stem geven blijft essentieel om een stad te bouwen die echt voor iedereen toegankelijk is.
Tafel 3. Participatie
(250619_Stad op kindermaat_Participatie)![]()
De participatie van kinderen in Brussel ontwikkelt zich geleidelijk aan door middel van lokale initiatieven zoals kinderadviesraden, verkenningswandelingen of wijkdiagnoses. Deze initiatieven worden vaak gedragen door verschillende actoren (scholen, gemeenten, verenigingen) en gefaciliteerd door daarvoor specifiek opgeleide volwassenen. Deze participatie blijft echter vaak ad hoc en symbolisch en stuit op obstakels zoals een gebrek aan tijd, middelen en methodologieën, en een geringe politieke en culturele erkenning van kinderen als legitieme actoren. Om echte participatie te bevorderen, is het essentieel om kinderen bij alle fasen van de projecten te betrekken, een vertrouwenskader te creëren, professionals op te leiden in het gebruik van aangepaste tools en de expertise van kinderen te waarderen door rekening te houden met hun mening. Ten slotte lijken kleinschalige acties effectiever om echte participatie te garanderen, met name bij kwetsbare groepen. Hierbij kunnen immers de methoden worden aangepast aan de leeftijd en de specifieke behoeften van de kinderen in kwestie.
Tafel 4. Luchtkwaliteit
(250619_Stad op kindermaat_Luchtkwaliteit)![]()
De massale aanwezigheid van auto’s in de stad vormt het belangrijkste obstakel om tot een betere luchtkwaliteit te komen. De meeste aangehaalde praktijken die de situatie helpen verbeteren, focusten dan ook op het realiseren van een mobility shift, soms op een directe manier, soms meer indirect. Een enkele actie focuste op het aanpakken van andere bronnen van luchtvervuiling, op remediëring door het aanplanten van meer groen, of op sensibilisering.
Belangrijke obstakels tot een betere luchtkwaliteit zagen we in de auto als symbool van vrijheid, het systeem van salariswagens, de onvoldoende beschikbaarheid en kwaliteit van het openbaar vervoer, de weinig kindvriendelijke fietsinfrastructuur, … Maar er werd ook verwezen naar vervuilde lucht als gevolg van landbouw- en industrieactiviteiten aan de rand van het Gewest, die over de stad wordt geblazen.
De geïdentificeerde hefbomen focusten op minder auto’s in de stad, de overstap naar andere verplaatsingsmiddelen, het verhogen van de leefbaarheid van de publieke ruimte, sensibiliseringsacties, het opstellen van duidelijke richtlijnen en normen (met bijhorende sancties) en het creëren van meer draagvlak.
Tafel 5. Groene ruimten: plaats maken voor spel
(250619_Stad op kindermaat_Groene ruimten-spel)![]()
Tijdens de discussietafel ‘place au jeu’ / ‘ruimte voor spel(en)’ deelden we voorbeelden en ervaringen over het ontwerpen, inrichten, veilig maken en gebruiken van speelruimte in de stad. De grootste uitdaging blijft de druk op publieke ruimte door verkeer, beperkte groenzones, ontoegankelijke plekken en een tanende (vrije) speelcultuur.
Veel initiatieven zetten in op veilige en aantrekkelijke speel – en ontmoetingsruimtes: speelstraten, openstelling van schoolspeelplaatsen, tijdelijke projecten zoals Playcation, maar ook micro-ervaringen in de publieke ruimte of pedagogische tools. Daarnaast kwamen acties rond vergroening, water – en speelzones en het informeren van ouders en bewoners aan bod. Vrije ruimte, experimenten en gedeeld gebruik keren vaak terug.
Belangrijke hindernissen zijn een gebrek aan kennis bij ouders, beperkte budgetten, tekort aan tijd en middelen voor participatie, onveilig gedrag en beheerproblemen. Ook het ontbreken van structurele kinderparticipatie vormt een uitdaging.
Hefbomen liggen in drempels verlagen via micro-initiatieven, samenwerking tussen scholen, verenigingen en bewoners, en het actief betrekken van kinderen bij ontwerp en inrichting. Een mix van korte- en langetermijnacties en een kwalitatieve publieke omgeving komt niet alleen kinderen, maar alle stadsbewoners ten goede. Sensibilisering en positieve micro-ervaringen versterken zo de speelcultuur.
Presentaties

live drawing by artist Leti Confetti (19.06.2025)
Vind hieronder de pitches die tijdens de studiedag werden gepresenteerd:
Behoefte 2_Bruxelles aux enfants_Chercheurs d’air
Behoefte 2_Impacts polluants de l’air sur santé infantile_C. Bertrand
Behoefte 3_Se déplacer en autonomie_perspective.brussels
Behoefte 4_Ludi-city_Leefmilieu Brussel
Behoefte 5_Comment donner une voix aux enfants_OEJAJ
In samenwerking met RIEPP, CERE, walk.brussels, Heroes For Zero, BRAL, Kidical Mass, Fietsersbond